Het is zo ver! Van al mijn outdoor avonturen zal het meest spannende verhaal zich afspelen vlak langs mijn achterdeur: Het opknappen van een opgeknapte Wilk Sport 320. Waarom zou ik dat doen?
De kleine Wilk Sport van MTM 650 kg is door een vorige eigenaar reeds opgeknapt. Maar met een ferme Franse slag: verfdruipers, niet of niet goed afgeplakt, restjes tape overal,…
Aangezien ik er ooit een mobiele koffiebar van wil maken ga ik er niet te veel tijd en geld in steken, maar net genoeg om hem een deftige look te geven. Net genoeg om er dit voorjaar een zomer mee te kunnen reizen. En wie weet, misschien ook om af en toe te verhuren.
Ik ken niets van caravans, maar dan ook echt niets. Dus het was een kleine sprong in het duister. ik ken niks van elektriciteit. Het chassis vertoont roestplekken, dus die moeten zeker aangepakt worden, waar ik ook niets van ken. Maar niets dat we niet kunnen leren. Ik begin met datgene waar ik wel iets van afweet: poetsen en schilderen.
Ik liet me anderhalf uur los op de kleine koelast die nog blijkt te werken. Vervolgens nam ik de deur onder handen. Deze was voorzien van zwarte krijtverf. Ik vond het idee super, maar de uitvoering belabberd. Dus ik besteedde een tweetal uurtjes aan het zuiverkrabben en schuren van alle geknoeide verf op de rubbers en de aluminium randen. Ik schuurde en ontvette de deur en besteedde opnieuw veel tijd aan het deftig afplakken. Het schilderen zelf kostte hooguit tien minuten werk. Maar hey, kijk… het resultaat mag er zijn.
Ik ben benieuwd naar wat volgt. Ik geniet alleszins van dit projectje. Tips voor me? Shoot, ik kan ze wellicht gebruiken!
Het is steeds moeilijker te organiseren door de dagelijkse ratrace van tegenwoordig. Ze komen zelden voor, dus ik geniet er extra hard van. Het staat op nummer 1 van mijn lijstje met favoriete tripjes: een weekendje rotsklimmen met vrienden. Want wat is er nog avontuurlijker en ontspannender tegelijk, dan de dag doorbrengen met vrienden aan de rots en de avond aan de kookvuurtjes tussen de tenten?
We vertrokken vrijdagmiddag naar de Noordelijke Vogezen, naar Camping du Heidenkopf: een kleine gezellige natuurcamping. Niet te veel poespas. Rustig, mooi en proper sanitair, klein en gezellig. Elke morgen komt een bakkersbusje met vers brood.
We bekeken die avond de topo van de Noordelijke Vogezen. Dit bleek een dik boek te zijn. Genoeg te klimmen dus. Maar zo eenvoudig was het helaas niet. De meeste gebiedjes in de buurt waren massieven met routes vanaf niveau 6a. Voor de twee heren bleek dit prima te zijn. Maar ikzelf en de andere twee dames van het gezelschap klimmen een niveau lager.
We zouden naar Chateau du Waldeck gaan, een massief met moeilijke en gemakkelijke routes. Even later bleek, volgens een website, rotsklimmen tijdelijk verboden te zijn op deze massieven. Al snel bleken veel massieven niet toegankelijk te zijn. De moed zakte ons in de schoenen.
De volgende ochtend belden we een toeristisch bureau. De massieven van chateau du Waldeck bleek inderdaad gesloten te zijn. Tijdelijk verboden om te rotsklimmen. We veranderden het plan en vertrokken richting Roches Plates, 45 minuten rijden van de camping. Hier mochten we volgens het toeristisch bureau wel klimmen.
We moesten even zoeken en een stuk wandelen maar we waren eens zo blij toen de massieven verschenen. Opnieuw zonk de moed ons in de schoenen. De massieven waren bewaakt maar lang niet meer beklommen. Spinnenwebben en groene aanslag waren voor ons duidelijke signalen dat hier lang niemand meer naar boven is geklommen. We wandelden verder, massief na massief. Plots verscheen er een wand met allemaal witte plekjes. Pof! hier is duidelijk nog geklommen, en niet lang geleden.
Geen minuut later stonden we klaar voor onze eerste klimroutes. Partnercheck en klimmen maar! Het conglomeraat gesteente was nieuw voor me. Al de kleine uitstekende kiezels zorgden voor een zekere keuzestress, maar ik was op slag verliefd op die uitstekende randjes. Gewoontegetrouw vergat ik in al mijn enthousiasme mijn voorklimangst. Typisch. Ik stapte in een 5C maar de angst nagelde me al snel vast aan het massief. Ik liet me zakken, mijn frustraties stegen. Ik knoterde even in mezelf en warmde vervolgens toprope op. We kregen de dag vlot om.
Zondag bezochten we een klimgebied, even mooi als het klinkt: Chateau du Falkenstein. De aanloop naar de klimmassieven was kort. Wat een prachtige massieven! Vandaag klommen we op zandsteen. De behaking was schaarser dan de dag voorheen, maar nog steeds beter dan de massieven van de Ardennen. Ik klom enkele prachtige routes en genoot van de omgeving en het uitzicht.
In de vroege namiddag reden we weer richting huis, het zat er weer op. De Noordelijke Vogezen is zeker een gebied om opnieuw heen te gaan. Er is zoveel te klimmen en te wandelen. Hopelijk tot snel!
Het is er niet van gekomen om de “schwarzwalder kirschtorte” te proeven, dus ik moet zeker nog een keer terug. En dat zal sowieso gebeuren. Wat een leuke plek, dat Zwarte Woud! Ik deel graag onze ervaringen.
Camping Langenwald
We reserveerden een plek op camping Langenwald, dicht bij Freudenstadt. De antwoordmail met de boodschap dat de camping volgeboekt was, hadden we niet op tijd gelezen. Dus daar stonden we. Ze probeerden toch een plekje voor ons te zoeken. En dat vonden ze. Gelukkig! Helemaal in de hoek van de camping. Prima! Het was er lekker rustig en er was voldoende schaduw.
De camping was superleuk. Hij was best prijzig (45 euro per nacht voor ons vier), maar zeker de moeite en het geld waard. Heel erg verzorgd en hygiënisch, op elk moment van de dag. Er zijn vier gezinsbadkamers, heerlijk! Toilet, lavabo en douche in 1 ruimte. Er is zelfs een hondendouche! In twee kleine speeltuintjes, en op het speelveld met fitnessoefeneningen kunnen jong en oud zich uitleven. Je kan verkoeling vinden in het beekje dat doorheen de camping stroomt, of in het zwembad. Er is een klein winkeltje waar je brood kan kopen. De kinderen kunnen op vrijdagavond zelf brood bakken aan een kamvuur. Vlak buiten de camping is er een openbare vuurplek. Gezellig. Het personeel van deze camping is trouwens erg vriendelijk. Dat zorgde voor een goede start van onze reis.
Freudenstadt
De eerste ochtend vertrokken we te voet van de camping richting Freudenstadt. Uiteraard liepen we via het bos. De kinderen plukten onderweg bosaardbeitjes en framboosjes. We dronken een koffietje in het Waldcafe, midden in het bos. We zetten onze tocht verder en heel erg plots maakten de bomen plaats voor de rand van de stad. Freudenstadt is een gezellige stad met een groot marktplein. Ik lees online dat het het grootste marktplein van Duitsland is. We zochten een sportwinkel om een nieuw slaapmatje te kopen want ik had een slechte nacht achter de rug, mijn matje was stuk. Daarna lieten we de kinderen spelen in de speeltuin op het marktplein. Nadien liepen we via een andere route terug naar de camping. De hele tocht was ongeveer 11 km.
Wandelen tussen de boomtoppen
Dag twee stond in het teken van de kinderen. Het Baumwipfelpfad is zeker een bezoekje waard. Ik moet je niet vertellen dat het ten zeerste in de smaak viel bij onze kinderen. We wandelden via een avontuurlijk houten pad tussen de boomtoppen. Het pad maakte op het einde een cirkelbeweging de hoogte in. Helemaal boven kon je genieten van het uitzicht over het Zwarte Woud. Je kon naar beneden wandelen OF de 55-meter hoge glijbaan naar bedenen nemen!!!
Eenmaal beneden, stonden we plots voor de toegangspoort van een enorm mooie speeltuin. We besloten de 20 euro inkom te betalen en vertoefden enkele uurtjes in dit speelparadijs.
En dat brengt me bij het kleine minpuntje van deze attracties. Alles kost enorm veel geld. Wil je het boomtoppend doen? Dan betaal je daar voor. Wil je de glijbaan naar beneden nemen? Dan betaal je extra. En dit wordt pas duidelijk op het moment dat je bij de glijbaan uitkomt. Probeer dan maar eens neen te zeggen tegen je kinderen. Onder bij de glijbaan tref je de speeltuin…extra betalen. Op weg naar de auto kwamen we nog langs een afslag naar de grote bekende hangbrug. Maar ook hiervoor moet je weer betalen. Bekijk goed op voorhand hoeveel je voor wat moet betalen want het kan heel spontaan een duur dagje worden.
Tannenriesen
We maakten een wandeling van ongeveer 9km: Premiumweg Tannenriesen. Een stevige wandeling met leuke eyecatchers uit hout voor de kinderen. Een groot deel van de wandeling leidde ons door smalle avontuurlijke boswegjes waar we “de vloer is lava” konden spelen. Oftewel: je mag enkel over de boomwortels wandelen. Gelukkig staken er genoeg wortels uit.
Nationalpark Schwarzwald
In het nationaalpark zijn allerlei leuke korte wandelingen. We besloten te starten met het Lotharpfad, een korte avontuurlijke wandeling van slechts 900 meter. Veel geklim en geklauter. Erg leuk voor de kinderen. Schliffkopf kruiste als tweede avontuur ons pad. Dit is het hoogste punt van de omgeving. We maakten een korte wandeling en lunchten in een schaduwrijk plekje. We sloten de dag af met de Allerheiligen Wasserfalle. Een tochtje van 3,6 km naar een oud klooster, via watervallen. Erg leuk. de terugweg liep doorheen een bos. Of je kon de route ook omgekeerd doen.
We sloten de reis de dag nadien af met het Wildnispfad. Dit is echt een topper! Slechts 3,5 km maar je bent toch even onderweg omdat je voortdurend over of onder natuurlijke hindernissen moet. Het hele pad is voorzien van boomstammen, stenen, trapjes waar je overheen moet. Superavontuurlijk. Onderweg kan je in een levensgroot vogelnest even pauze nemen. Dit was echt een leuke afsluiter van onze reis.
Het Zwarte Woud overtrof mijn verwachtingen. Het is een echte aanrader, zeker ook om met kinderen heen te gaan. Wij hebben veel gewandeld en genoten van de creativiteiten die in de wandelingen verwerkt waren. Dit hield het erg leuk en afwisselend voor de kinderen. Het zwarte Woud biedt ook voldoende mogelijkheden om te fietsen. Er zijn veel brede bosbouwpaden, waardoor fietsen voor iedereen toegankelijk wordt, niet enkel voor ervaren mountainbikers.
We kochten een nieuw tentje en dat moesten we uittesten. Dus we gingen op avontuur. Lukas en ik. En we namen mee: niet veel. Maar zeker en vast ons nieuwe Robens trekkertentje voor twee personen. Om hem goed te kunnen testen kozen we de slechtste nacht van de maand. Ze voorspelden veel regen en hevig onweer. Daar gingen we…
We parkeerden rond 15u de auto aan het station in Barvaux. ik had een vaag vermoeden dat we na ons tripje doodop gingen zijn, dus ik parkeerde de auto zo dicht mogelijk bij het treinspoor. Lukas was me achteraf dankbaar. We parkeerden, deden ons eerste plasje in het wild en gingen op zoek naar onze eerste GR-aanduiding. We planden immers een stukje van de GR-57 te doen, van Barvaux richting Hamoir. De titel verklapt het al, we geraakten slechts tot Sy.
De eerste aanduiding dook al snel op. Lukas was enthousiast en nam de anderhalve km bergop en regen er graag bij. We wandelden die dag 11km, van Barvaux, via Durbuy en Warre tot vlak voor de bewoonde wereld van het dorpje Bomal.
Op een groot veld, aan de rand van het bos, sloegen we ons tentje op. We bereidden ons lievelingskampeervoer: Italiaanse schotel van de Aldi. Na onze laatste hap betrok de lucht. we besloten vroeg onder de lakens te kruipen. Net in ons tentje brak de hel los. Het water viel met bakken uit de lucht. De donderslagen deden ons schrikken. Maar geen druppel kwam ons tentje binnen. Test geslaagd, dit tentje is prima! Tegen middernacht klaarde het terug op.
De volgende ochtend zetten we onze wandeltocht voort. We vulden onze drinkbussen in een cafeetje in Bomal en liepen het dorp door. Eens het dorp verlaten, maakte de GR een grote lus buiten Bomal. We kwamen terecht in een schapenweide en daar verloren we voor het eerst het spoor. De aanduiding was slecht. Per toeval hadden we het signaal gezien dat we de weide in moesten, maar eenmaal in de weide duurde het drie kwartiers voor we de volgende aanduiding vonden. Lukas zijn humeur was omgeslagen. Logisch. De zon brandde en de weide was erg steil.
Na de schapenweide ging het weer even goed. We namen veel pauzes, waardoor Lukas terug meer plezier kreeg in de tocht. Twee wandelaars liepen de GR in de tegenovergestelde richting. Ze waarschuwden voor slechte aanduiding. En ja hoor. De aanduiding was vreselijk. Op een grote weg stond een duidelijk teken naar rechts waar bleek dat we gewoon moesten oversteken en over de vangrail moesten kruipen om dan via een klein paadje verder te gaan. Verloren tijd: 30 minuten.
We namen pauze aan een klein bruggetje, wandelden 45 minuten flink bergop en af waarna we aan hetzelfde bruggetje uitkwamen. Dit bleek een oude lus van de GR-57 te zijn waar de wandelaars ons eerder op de dag voor waarschuwden. We waren er klaar mee. Vooral Lukas. We hadden er die dag 16km opzitten. Voortdurend berg op en af. Ik raadpleegde de wandelkaart op mijn gsm en we liepen naar het treinstation van Sy waar we de trein terugnamen naar Barvaux.
Deze etappe van de GR-57 is heel leuk om met kinderen te lopen, maar wel pittig. Niet voor doetjes. Het landschap en de paden zijn erg wisselend, wat het extra leuk maakt. Een tip: laat je kind bepalen wanneer je pauzeert, ook al is dat vaak. Zo pas je de wandeling aan op maat van je kind. En zorg dat het plezierig blijft. Verzin spelletjes of zoektochten onderweg. We hielden bijvoorbeeld bij wie hoeveel aanduidingen om ter eerst zag. Erg leuk.
Volgens internet zou de derde etappe van de GR-57 van Barvaux naar Hamoir 26km zijn. Lukas en ik liepen 27km en waren slechts in Sy. Deze afstand klopt dus niet. Verder was de aanduiding van Bomal tot Sy erg slecht en onduidelijk. Door vernieuwingen waren sommige aanduidingen niet mee vervangen. Vb een nieuwe weidepaal voor een oude paal gezet. De aanduiding stond op de oude paal, waar de oude paal de nieuwe paal raakte. Op een andere plek werd een poortje van een weide vervangen. De aanduiding stond op het oude poortje dat een eindje verderop in de gracht lag.
Desondanks hebben we erg genoten van ons avontuurlijk tripje. Zeker voor herhaling vatbaar.
Toen was ik er klaar mee. Ik heb weken thuisgewerkt en mijn zoon van acht onderwezen. Ik heb me perfect gehouden aan alle maatregelen van de overheid en mijn werkgever. Alles om een verdere verspreiding van het virus tegen te gaan. En toen kwam de vraag wat de waarde was van die opoffering. Want toen mochten alle kappers en schoonheidsspecialisten open. Laat een Barber maar een baard bijwerken, face-to-face, met hooguit 30cm afstand. Toen was ik er klaar mee. Dit gaat niet meer over het bestrijden van een virus, dan doe je niet zo dom.
Gedaan met de lockdown en alle beperkingen. Vanaf nu gebruik ik enkel nog mijn eigen gezond verstand, want dat van de overheid blijkt plots ver weg te zijn.
We gaan naar Berdorf! En dat deden we. En we hebben genoten van onze korte trip. Ik reserveerde een pod voor één nacht op camping Martbusch. We zijn al vaker op deze camping geweest. De mooiste sanitairblok die ik ooit gezien heb (toch wel belangrijk). We gaan normaal altijd met de tent op vakantie. De kinderen waren dolblij met onze uitzonderlijke overnachting in de compacte hut. Door de coronatoestanden was het uitzonderlijk rustig op de camping.
Goed nieuws! We hebben zelfs kunnen klimmen. In Luxemburg mag er gewoon geklommen worden buiten. En daar waren meer mensen van op de hoogte. Er was genoeg volk in het klimgebied. We klommen enkele routes, de kinderen speelden heerlijk, en we wandelden terug naar de camping voor ons avondmaal.
De dag nadien maakten we een verre kinderwandeling en keerden nadien terug naar huis.
We horen al een jaar bij elkaar, mijn e-mountainbike en ik, maar vandaag is de dag dat we elkaar een beetje beter gaan leren kennen. Ik neem hem namelijk mee op mijn eerste mountainbikeritje. Hij is zwaar, met zijn elektrische batterij, dat maakt me een beetje bang en nerveus, maar we gaan het proberen.
“De mtb-routes bij Bergerven zijn het meest dichtbij voor je, maar ze zijn best zwaar voor een beginnende mountainbiker, doe die dus nog maar even niet”…adviseert mijn broer. Goed advies afslaan is toevallig een van mijn specialiteiten. De dalingen zijn steil, heel steil, evenals de beklimmingen. Door de grote stenen schiet mijn fiets alle kanten uit. Eenmaal onder, geraak ik niet meer boven. Afstappen en de fiets naar boven duwen lukt amper.
In het echt is hij veel steiler 😉 , bij Bergerven
Ik wijk toch maar af van de MTB-route en beland al snel in Opoeteren. Dan kan ik net zo goed even doorrijden richting Oudsbergen en daar ergens aansluiten op een MTB-route. Al snel duikt er een blauw MTB-wegwijzertje op.
Ik volg de blauwe route van 17 km die door de bossen van Neerglabbeek en Opitter slingert. Een mooie, rustigere route met leuke afwisselingen tussen smalle bospaadjes, hellingen en bredere platte zandpaden.
Mijn ervaringen, na een eerste ritje:
Aanduiding MTB-routes zijn zeer goed bewegwijzerd. Maar ik zou ik niet zijn als ik toch niet een keer een bordje miste en fout afsloeg. Check!
Zonnebril Een must. Had ik niet. Dus een paar onzichtbare vliegjes werden plots te zicht- en voelbaar en plakten tegen mijn oogbol.
E-bike De ondersteuning is leuk, maar de zwaarte van de fiets maakt het technisch toch moeilijker. Een e-bike lijkt me eerder voor gevorderde MTB-ers. Ik zou hetzelfde ritje willen doen met een gewone MTB. Hoewel het dan een stuk zwaarder zal zijn. Altijd iets…
Duinengordel Ik blijf me verbazen over de mooie omgeving. Zeker een van mijn lievelingsbossen. Vooral door de variatie.
Vagina Auwie! De fietsbroek van de Decathlon (voor gevorderden) resulteerde in een pijnlijke bedoening achteraf. Over mijn eerste toiletbezoek na de fietstocht zou ik een apart blogberichtje kunnen schrijven, maar dat zullen we maar niet doen. Gevoelige lezers enz…
Helm Onvoorbereid als ik was, stond ik helemaal klaar om te vertrekken toen ik ontdekte dat ik geen fietshelm had. Lap. Is dat wel nodig? Zeker wel dus! Ik besef achteraf dat mountainbiken best gevaarlijk kan zijn. En dan zeggen mensen dat klimmen gevaarlijk is… Maar goed… Ik had gelukkig wel een klimhelm die ook dienst kon doen voor een fietstochtje. Omgekeerd zou dat niet werken.
Ik wreef met mijn linkerduim de zwarte strepen in mijn rechterhandpalm weg, en bekeek mijn gekartelde nagels. Mijn touw en de rots hadden hun sporen nagelaten. Snel die handen (goed!) wassen en aan de spaghetti beginnen, want het klimgezelschap komt zodadelijk de beentjes onder tafel schuiven.
Nu, enkele dagen later, temidden van het Corona-huisarrest, lijkt het surrealistisch. Wat hebben we genoten van onze eerste namiddag buitenklimmen. En ons laatste moment met vrienden voor de komende weken.
Omdat het kon, omdat het weer het toeliet en omdat het nog mocht in de beginnende Corona-madness. Vandaag is het verboden nog te klimmen op de rotsen op Belgisch grondgebied. Niemand weet voor hoelang. Laten we dus vooral terugblikken en genieten van onze klimnamiddag op de rotsen van Corphalie.
De rotsen van Corphalie liggen tegenover de kerncentrale van Tihange. De auto parkeer je langs de carwash, je wandelt via het tunneltje onder het spoor door en je komt onmiddellijk uit aan de rotsen.
We lieten er geen tijd over gaan. We bonden ons in en klommen onze eerste route op de kalken rots. Plaatklimmen vraagt altijd even tijd om er in te komen. Ideaal om ons voetenwerk bij te schaven. En dubbelhard leren vertrouwen op die voeten, want voor je handen is er niet veel.
Ik klom de laatste tijd sowieso weinig voor in de hal. Ik geraak er slechts 1 keer per week en dan houd ik het bij toprope klimmen. Voor mij was het dus dubbel wennen. Maar Corphalie is een ideaal klimgebedje voor beginners. De meeste routes liggen tussen de derde en zesde graad. We beleefden enkele stressmomentjes maar genoten vooral van de buitenlucht en het klimmen.
Meer info over dit klimgebied en de routes: https://www.comfort-zone.be/corphalie. Let wel op: een touw van 70 meter is maar net lang genoeg voor sommige routes op het eerste massief vanaf het parkeerplaatsje.
We gaan terug naar 1817. In Luik. Nederlanders bouwden het Fort de la Chartreuse. Sinds 1830, wanneer België onafhankelijk werd van Nederland, kwam het fort in Belgische handen. Tijdens de eerste en tweede wereldoorlog werden de gebouwen door de Duitse bezetter gebruikt als gevangenis. Sinds 1980 wordt het fort niet meer gebruikt en staat het leeg. De natuur en graffiti-werken nemen het langzaam maar zeker over.
We gingen een kijkje nemen. We parkeerden de auto in de “Rue Achille Lebeau” en konden via de grote toegangspoort het terrein op. De poort stond gewoon open. De gebouwen zijn allemaal leeg. Graffiti is talrijk aanwezig. In sommige kamers ruik je de verf, sommige werken bleken vers te zijn. op drankblikjes, sigarettenpakjes en spuitbussen na, is er niets meer aanwezig in de gebouwen. In één kamer vonden we een matras en een handtas.
Een leuke, toegankelijke plek. Mooie locatie om foto’s te maken.
Ons tripje naar Berlijn was gepland. Spreepark stond bovenop mijn lijstje. Een verlaten pretpark in Zuid-Oost Berlijn. Het opende zijn deuren in 1969 en sloot ze definitief in 2002. Veel verhalen gaan de ronde over wat geweest is, hoe het gegaan is, hoe je het vandaag kan bezoeken en wat komen gaat.
Wat het geweest is.
Spreepark was tijdens de koude oorlog het enige pretpark van de DDR, opgericht door de communistische regering. Het werd opgericht ter ere van het 20 jarig bestaan van de DDR. Na de val van de Berlijnse muur werd het park overgenomen door Norbert Witte, die het park ferm uitbreidde. Het plan was om er het grootste en bekendste pretpark van Duitsland van te maken. In de jaren 90 kwamen er tal van attracties bij.
Hoe het gegaan is.
Er zijn veel meningen over de oorzaak van de sluiting van het Spreepark. Wellicht is het een combinatie van ze allemaal. Het park zou te verwesterd zijn. Met zijn vaste ingang en toegangsprijs zouden bezoekers wegblijven. Witte investeerde te wild in nieuwe attracties waardoor hij genoodzaakt was om de toegangsprijs steeds hoger te maken, waardoor nog meer bezoekers afhaakten. Het zou ook slecht gegaan zijn met de Duitse economie waardoor er minder geld besteed werd aan vrije tijd.
Witte koos het hazenpad. Hij nam zijn familie en een deel van de attracties mee naar Peru, om daar een nieuw park te openen. Anderen schrijven dat hij de attracties naar Peru stuurde om ze te laten herstellen. Hoe dan ook, de containers bleven staan aan de haven in Peru. Het schoot niet op met het nieuwe park. Witte moest steeds langer huur betalen voor de containers. Deze nieuwe schulden konden simpel afgelost worden door een transport van cocaïne naar Europa. Witte verstopte de grote hoeveelheid cocaïne in een attractie maar werd gesnapt. Zijn zoon die was achtergebleven in Peru kreeg voor deze feiten een gevangenisstraf van 20 jaar in Peru.
Spreepark bezoeken.
Spreepark is momenteel eigendom van Grün Berlin. Elk weekend in het zomerseizoen kan je een rondleiding krijgen in het park. Dit kost 5euro per persoon. Toen ik wilde reserveren voor de voorlaatste rondleiding van het seizoen bleek de tour volzet te zijn. Jammer.
We lazen online over mensen die onder, over en door de draad kopen. We lazen over bewakers, waakhonden, momenten waarop geen bewaking was. We waagden het er op en wandelden op een zaterdagmiddag richting Spreepark.
Het park werd omringd door een relatief nieuw stevig hekwerk. Op verschillende plekken waren er doorgangen die onder de draad door liepen versperd met ijzeren pinnen. Wij dachten er over te kruipen want het hekwerk was niet hoog en stevig genoeg om over te klimmen. Maar we liepen eerst een verkenningsrondje. Bij de toegang bleek de poort open te staan. Een groep mensen liep naar binnen, onder begeleiding van een gids en een aantal bewakers. We vroegen of we mee naar binnen mochten en voor een tientje was de klus geklaard. We waren binnen! Wel onder begeleiding van… En dit had zo zijn beperkingen. We moesten bij de groep blijven en bewakers zorgden er voor dat niemand afdwaalde.
Er staat niet heel veel meer in het park. Maar bij de dingen die er nog stonden kregen we veel uitleg, en dat was dan weer het voordeel van de gids. We kregen de verhalen en de geschiedenis te horen.
Wat komen gaat.
De bedoeling is om van het Spreepark een cultureel park maken met veel kunst, theater en evenementen. De mensen die rondom het park wonen kregen de kans om te participeren, en hun mening te uiten over de toekomst van het park. In 2020 zou het park terug geopend worden, maar dat lees ik op het internet over elk jaar van het afgelopen decennium.
Mijn zusje en ik op citytrip. En we nemen mee… Lukas! Want zussen zijn is fijn, een zus hebben is fijn. We verschillen erg maar toch ook weer niet. Wat betreft ons citytripje wist ik dat we op dezelfde lijn zaten: meezingliedjes in de auto, een bed is fijn, luxe is overbodig, ontbijt erbij is mooi meegenomen. Enkele toeristische vluggertjes maar vooral de rustigere, minder toeristische, leuke buurten opzoeken. Niks moet, alles kan. Ogen en armen wijd open. Genieten. Kom maar op Berlijn!
Toeristische vluggertjes
We maakten een selectie en bezochten enkele toeristische hotspots.
Het holocaust monument bleef me het meeste bij. Het was indrukwekkender dan ik me voorstelde. De simpele grijze betonblokken op een golvende ondergrond drukten en knelden. Eens je omringd bent door de 2710 blokken krijg je de neiging om te gaan rennen. Het gevoel dat er bij elke pas iets of iemand onverwacht uit de hoek kan komen. Letterlijk. Ik ben geen fan van monumenten. Ze zijn statisch en na een eerste blik verder oersaai. Deze Holocaust-Denkmal representeert de jodenvervolging en slaagt er in een fractie van de emoties in je op te wekken die de joden toen gevoeld moesten hebben.
Ik heb het even terug moeten opzoeken, want dat bedoel ik dus met saaie monumenten of bezienswaardigheden. We zagen Brandenburger Tor en het parlementsgebouw. We wurmden ons door de drukte, wiepen er een blik op, legden het vast op beeld en wezen snel weer weg, richting Großer Tiergarten, het grote park in de buurt.
Van hot naar her
Berlijn is trouwens groot. Wat zeg ik? supergroot, immens! We gingen drie hele dagen op pad in de stad en verplaatsen ons met het openbaar vervoer: De U-Bahn en S-Bahn. Goedkoop en superhandig. Je kan in elk metrostation gewoon een dagkaartje kopen (7 euro per persoon).
Bernauer Straße
We namen de metro naar Bernauer Straße waar nog enkele sporen en veel verhalen van de Berlijnse muur te vinden zijn. Vooral Lukas was onder de indruk. Waarom bouwden ze een muur mama? We namen de verhalen in ons op, over hoe ze onder, over en door de muur heen probeerden te geraken, van Oost naar West. Er vielen veel doden, veel pogingen mislukten, slechts enkele lukten. Indrukwekkend en maf tegelijk.
Spree
De meeste tijd en kilometers brachten we door in zuidoost Berlijn. We stapten langs de twee kilometer lange East Side Gallery. Dit originele stuk Berlijnse muur van twee kilometer lang werd onder handen genomen door 118 kunstenaars.
Kreuzberg
Aan de overkant van de rivier de Spree werd het alleen maar mooier en gezelliger: Meer groen, meer muurschilderingen, meer creativiteit. We dwaalden rond, dronken een koffie in een hipster koffiezaakje ergens achterin, schommelden, wandelen doorheen een gespleten boom en ontdekten een schamel gebouw in een park. Het leek leeg te staan maar de deur stond open en op een bord bij de ingang zagen we één van Lukas zijn lievelingsbezigheden: Minigolf. Om het helemaal af te maken: Blacklight minigolf. Inge haar verborgen talent werd die dag ontdekt.
Elke donderdagavond is er trouwens streetfood thursday in Markthall IX in Kreuzberg. Supergezellig en lekker.
Spreepark
Uiteraard, met veel geluk, bezochten we het Spreepark. Later meer hierover.
Thale
Op de terugweg naar huis maakten we een tussenstop in het kleine dorpje Thale voor een leuke herfstwandeling in de bossen. We parkeerden de auto in het dorpje en wandelden bergop naar de Hexentanzplatz. Het wal leuk om even de benen te strekken en te genieten van de natuur en de uitzichten.
Ik heb na dit tripje absoluut niet het gevoel dat ik Berlijn van mijn lijstje kan schrappen. In tegendeel, het staat er drie keer extra op. Ik kom zeker nog terug om meer te ontdekken, andere wijken te bezoeken. Geen “vaarwel”, wel een tot “weerzien” Berlijn.